Sterke en onregelmatige werkwoorden - Oefening 5

Starke und unregelmäßige Verben



1. ruiken

2. scheuren

3. wrijven

4. liegen

5. lezen

6. lopen

7. kruipen

8. komen

9. kennen

10. gebeuren

11. vliegen

12. bevelen

13. blazen

14. bieden

15. eten

16. vallen

17. grijpen

18. hangen

19. smijten

20. schrijven

21. zien

22. zingen

23. gelden

24. winnen

25. gelijken

26. spreken

27. staan